Stel: er is een hiernamaals. Daar worden al je herinneringen uit dit leven gewist, op één na. Welke herinnering kies jij om mee te nemen in de eeuwigheid? Die vraag stelt schrijver en onderzoeker Jacky van de Goor in haar boek Je leven in één herinnering. Aan de hand van muziek spreekt ze met Floortje Smit in de HUMAN-podcast Brainwash (abonneer je via Apple, Spotify, of RSS-feed).


De herinnering die Van de Goor zelf zou kiezen, is inmiddels 25 jaar oud. Ze is op reis in India, en zit in een bus op een vliegveld, bij een sloppenwijk. In het donker komen kinderen uit de wijk naar de bus toe om te bedelen. 'Ik kon niet goed verstaan wat ze zeiden, het klonk als een soort miauwen. Toen ik ook begon te miauwen, ontstond er een conversatie in allerlei verschillende dierengeluiden. We kwamen terecht in een soort parallel universum, waarin we elkaar ook volkomen begrepen en verstonden.' Een bijna extatische ervaring, zegt ze erover. 'Alles viel weg. Ik was geen toerist meer, zij geen bedelaar. Alle verschillen verdwenen, alle barrières, inclusief de taalbarrière. Toen de bus wegreed, renden de kinderen achter ons aan, terwijl ze naar mij 'mama, mama' riepen. Dat bevestigde voor mij dat het ook voor hen heel intiem was geweest.'

Dat ene moment dat mensen kiezen, dat is heel veelzeggend, heel betekenisvol, zonder dat het een mooi, of groots moment hoeft te zijn

De vraag welke herinnering je meeneemt het hiernamaals in is afkomstig uit de film After Life van de Japanse regisseur Hirokazu Koreeda. Voor haar boek verzamelde Van de Goor herinneringen van honderden mensen. Ze schijnen een verfrissend licht op de vraag wat er nu écht toe doet in het leven. 'Dat ene moment dat mensen kiezen, dat is heel veelzeggend, heel betekenisvol, zonder dat het een mooi, of groots moment hoeft te zijn. Er hangen geen labels aan. Mensen kiezen ook momenten die je zelfs lelijk zou kunnen noemen, of die heel klein en alledaags zijn.'

De verhalen die ze optekende variëren van geboortes, huwelijken, wereldreizen, tot alledaagse dingen als de kinderen in bed leggen, maar ook sterfgevallen en crises. 'Je krijgt het hele palet van het leven. En als je dan gaat kijken wat er onder die verhalen schuilgaat, dan is dat verbinding. We ervaren de zin van het leven in verbinding. In verbondenheid met anderen, met de natuur, of iets groters, alomvattends.'

Het bijzondere aan de vraag, zo zegt Van de Goor, is dat het mensen dwingt om een herinnering uit het verleden te kiezen, die een appel doet op de toekomst, die je meeneemt de eeuwigheid in. 'Bijna de helft van de ondervraagden kiest een moment dat niet per se gelukkig is. Een twintiger die ik sprak, koos het moment waarop hij de kist van een overleden vriend naar het graf droeg. Of een man die het moment koos waarop zijn baby in zijn armen stierf. Hele verdrietige momenten, maar ook momenten die laten zien wat waardevol is in het leven. Ze leverden inzichten op, die van waarde zijn voor de toekomst.'

Zo ervaarde de vader, door het leven uit zijn kind te voelen verdwijnen, wat dat is: leven. 'De confrontatie met de dood, op een hele heftige, lijfelijke manier, gaf hem een hele pure ervaring van wat het leven is. Alles werd heel helder, zuiver. Alle ruis, alle dingen waar je je druk om kunt maken, maar die er eigenlijk niet toe doen, vielen weg. Dat wilde hij meenemen, omdat hij vanuit die puurheid wilde leven. Het was een levensverrijkende ervaring, zei hij, die hij niemand toewenste.'

Iets anders dat Van de Goor opviel, is dat er geen enkel verhaal over geld gaat. 'Het onderzoek is een soort spiegel op de samenleving. Datgene waar we ons doorgaans druk om maken, komt in geen van de herinneringen terug. Geld, een dikke auto, het tweede huis in Frankrijk, een salarisverhoging, het gaat daar niet over. Status, macht of succes worden niet genoemd. Sterker nog: het woord succes wordt in geen van de interviews genoemd. Terwijl er honderden zelfhulpboeken geschreven zijn met het woord succes in de titel.'

Je zou dus kunnen zeggen dat we ons te weinig druk maken, om de dingen die er écht toe doen. Volgens Van de Goor is dat ook zo. 'Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat veel Westerse landen over het algemeen gelukkiger zijn, maar dat mensen in wat je ontwikkelingslanden zou kunnen noemen, meer zin ervaren. Geluk gaat over positieve emoties, over hebben wat je hart begeert. Zin gaat over het gevoel een plek te hebben, ertoe te doen en te leven in verbinding. Veel problemen die we tegenwoordig zien, burn-out, depressie, zijn uitingsvormen van het verliezen van die verbinding. Dan kun je het financieel en materieel heel goed op orde hebben, maar zonder verbinding, zonder het gevoel ertoe te doen, kom je toch in de zinloosheid terecht.'