'Zij is nooit ouder dan 11 jaar geworden', zegt Éva Fahidy over haar zusje dat overleed in Auschwitz. In de documentaire The Euphoria of Being zien we het repetitieproces voor een performance waarin het leven van deze 90-jarige Hongaarse vrouw centraal staat. Samen met een jonge danseres, Emese Cuhorka, onder leiding van regisseur Réka Szabó, onderzoeken ze dansend, experimenterend en pratend haar levensverhaal en maken zo een voorstelling.


De oorlogservaringen verworden door de liefdevolle intimiteit van dit drietal tot schoonheid, zonder aan gruwelijkheid in te boeten. Geen woord van haat, geen goed of fout – onderzoekend danst de jonge Emese het leven van Éva tevoorschijn. 'Wie heeft me haar gegeven?' verzucht Éva. 'Hoe kunnen we je laten vliegen?' vraagt Emese aan Éva. Ze gaan samen op onderzoek: van voorzichtig ronddraaien op een bureaustoel, die Éva krampachtig vasthoudt, tot gelukzalige overgave aan de bewegingen van de jonge danseres. Ondertussen verliest de jongste haar onschuld. Zij is het die aan het einde van de performance huilt en getroost wordt door de 90-jarige Eva.

Het gaat er anders aan toe in de film The Interpreter. Ook hier speelt de Tweede Wereldoorlog op de achtergrond. De 80-jarige Slowaakse tolk Ali reist naar Wenen op zoek naar de voormalige Nazi-officier die zijn ouders vermoordde in Slowakije. Hij vindt alleen diens 70-jarige zoon Georg, een drankzuchtige bon vivant, die het verhaal van zijn vader ver van zich houdt. De confrontatie met Ali wekt nieuwsgierigheid in Georg; hij gaat toch op onderzoek naar het verleden van zijn vader. Hij vraagt Ali als zijn tolk mee te gaan. De twee tegenpolen gaan op pad in een roadmovie met de onderliggende impliciete vraag 'is het leed van de zoon van een slachtoffer te vergelijken met het leed van de zoon van een dader?'

Wat hebben deze twee films met elkaar te maken? Ze laten zien hoe je met tegenstellingen om kunt gaan. In het laatste kwartaalrapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat Nederlanders zich steeds meer zorgen maken over de stemming in Nederland. Driekwart van de geënquêteerden vindt dat mensen met verschillende meningen steeds feller tegenover elkaar zijn komen te staan.

Polarisatie is volgens filosoof Bart Brandsma een moeilijk grijpbare gedachtenconstructie. Het ontstaat vanuit een mensbeeld dat ervan uitgaat dat we allemaal verschillend zijn. Om je eigenheid te cultiveren, is het dan nodig om het verschil met de ander te benadrukken. Dat doe je bijvoorbeeld door de ander te veroordelen als de enige schuldige van een situatie. Met als risico een zichzelf versterkend proces dat conflicten alleen maar aanwakkert. Immers, hoe meer je een ander als fout neerzet, des te meer reden tot conflict. Elk conflict geeft weer voeding aan een nieuw negatief oordeel en versterkt zo de polariteit.

Polarisatie heeft echter ook een goede kant: vrouwen die opkomen voor vrouwenrechten of een jonge garde die zich keert tegen het establishment. We hebben deze activisten nodig om vernieuwing te brengen. Vrede is niet de afwezigheid van conflicten, maar een lange rij van conflicten waar je goed mee bent omgegaan, zo stelt Brandsma. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. In de film The Interpreter is de stemming tussen de twee mannen op zijn zachtst gezegd onvriendelijk. Ze blijven vasthouden aan hun eigen manier van denken en doen. En als de Slowaakse dorpsbewoners ontdekken dat de zoon van een SS-er hun dorp bezoekt, sluiten zij zich in vijandig stilzwijgen.

Brandsma onderscheidt verschillende rollen in polarisatie. Aan beide zijden van de polarisatie zitten de 'pushers'. Zij willen hun eigen positie versterken en duwen de ander in de tegenovergestelde positie. De pusher levert de brandstof voor het wij-zij denken. Aan beide kanten van een conflict doen de pushers exact hetzelfde: ze gaan uit van het eigen grote gelijk en de ander is honderd procent fout. Zogenoemde 'joiners' ondersteunen de pushers, leveren de brandstof die de polarisatie versterkt. Die brandstof bestaat uit beweringen over de ander – zij zijn zus – en zegt tegelijk iets over ons: wij zijn níet zo. Ali en Georg zijn aanvankelijk de pushers in het conflict. Die eerste krast een hakenkruis op de brievenbus van Georg. Deze antwoordt met 'zionistisch Übermensch', waarop Ali weer reageert met 'antisemitisch zwijn'.

Vrede is niet de afwezigheid van conflicten, maar een lange rij van conflicten waar je goed mee bent omgegaan.

Tussen de twee polen zit 'the silent'. Niet te begrijpen als de zwijgende en onverschillige meerderheid, maar als de échte, vaak onzichtbare betrokkenen. Het horen van getuigenissen van dorpsbewoners helpt Georg om de gruweldaden van zijn vader erkennen. Maar pas als er verdere nuancering ontstaat in de verhalen doordat de beide mannen in deze getuigenissen ook horen dat de Slowaakse dorpsbewoners Joodse mensen verrieden, wordt het verschil tussen hen minder scherp. Deze getuigenissen zijn in het betoog van Brandsma 'het stille midden'. Ali en Georg gooien geen olie meer op het vuur. Is de tolk eerst nog afstandelijk, hij wordt steeds nieuwsgieriger. Zijn verleden speelt zich hier immers ook af en hij wil ook weten hoe het echt was. Hun reis wordt steeds meer een gezamenlijke zoektocht en een gedeelde ervaring. Dat is tegengif voor hun aanvankelijke vijandigheid.

The Euphoria of Being laat zien hoe zo'n gezamenlijke zoektocht kan gaan. Hier is geen sprake van polarisatie. Wat deze film wel laat zien, is hoe je een pijnlijk en moeilijk te bevatten verhaal kan leren kennen. Polarisatie is vaak gebaseerd op moeilijke verhalen, die lastig onder ogen te komen zijn. De drie vrouwen in de film gaan op onderzoek voor een gezamenlijk doel, de dansperformance. Zij doen dit door samen te dansen, dingen uit te proberen, en de soms lastige opdrachten van de regisseur te volgen. Zo vraagt de regisseur in het begin van de film aan de jonge Emese de gang op te gaan. Vervolgens krijgt Éva de opdracht aan iemand te denken die belangrijk voor haar was en die ze mist. Zij kiest meteen haar zusje dat ze verloor in Auschwitz. Emese moet bij terugkomst dansen als was zij diegene in het hoofd van Éva. Zij weet niet aan wie Éva denkt. Ze heeft geen ander houvast dan de blik en de lichaamsuitdrukking van Éva. Dit is een ingrijpend moment en zet de toon voor een intense manier van inleven die de film kenmerkt.

Polarisatie heeft drie basiswetten volgens filosoof Brandsma. Het is ten eerste een gedachteconstructie. In The Interpreter zie je hoe de gedachtenconstructies van de beide mannen langzaam worden de afgebroken door hun ervaringen en ontdekkingen. Ten tweede heeft polarisatie brandstof nodig: ze blijft bestaan als ze gevoed wordt. Door een gezamenlijk onderzoek, hoe ongemakkelijk ook, vergroot je onderling begrip, in plaats van bestaande oordelen en daarmee de polariteit te voeden. Tenslotte, de krachtigste derde wet voor polarisatie, zo stelt Brandsma, is gevoelsdynamiek. De overtuigingen over de identiteit van de ander is maar ten dele rationeel, en voor het grootste deel irrationeel en emotioneel. Feitelijke informatie kan polarisatie daarom nauwelijks tegenhouden, als niet tegelijkertijd ook op gevoel en emotie wordt ingewerkt. Juist door de gevoelsmatige, intuïtieve insteek van de danseressen laten zij een krachtig antidotum tegen polarisatie zien. Daar kunnen de mannen in The Interpreter nog wat van leren.

Je kunt boeken of artikelen over polarisatie lezen, maar je kunt ook alternatieven ervaren in deze films. Het gaat om onderzoeken: vragen stellen, de werkelijkheid ingaan, samen op reis gaan. Dansend, samen iets maken. Het verschil laten bestaan; dader en slachtoffer, ze blijven wat ze zijn. Maar er ontstaat iets nieuws in de ruimte tussen de verschillen: een nuance tussen zwart en wit die niet grijs maar kleurrijk is.